In de 11e en 12e eeuw waren strategische heuveltoppen voorzien van middeleeuwse fortificaties. Vaak bescheiden, maar altijd efficiënt om de omgeving te overzien en om gezien te worden. Heel lang hebben historici gedacht dat ze ontstonden uit noodzaak, om het land te verdedigen tegen de Saracenen…

 

De waarheid bleek echter anders: de landsheren brachten de boerenbevolking onder in deze heuveldorpen om gemakkelijker heffingen te innen en alleenrecht uit te oefenen (molen, oven, …). De woonhuizen werden dus aan de voet van de stadsmuren gebouwd. Dit bleef zo tot de grote trek naar de vlakte in de 19e eeuw. Er is amper een eeuw voorbijgegaan of de heuveldorpen beginnen weer op te leven.